De geweven hand van God

Online gitaarlessen en Gitaarles in Breda. Speel Nu elektrische of akoestische gitaar!,

De geweven hand van God

3 maart 2013 Thom's Filantropische Gitaarverhalen 1

Zo eens in  de drie maanden spreek ik af met een oud-studiegenoot om een concert te bezoeken. Om elkaar tegemoet te komen wordt er dan gekozen voor een gemiddelde dat ligt tussen zijn voorkeur voor hardrock en metal en mijn voorkeur voor folk en softrock. Deze keer was dat gemiddelde Woven Hand.

Om eerlijk te zijn had ik vóór het concert nog nooit gehoord van Woven Hand, een folkrock band uit Denver, Colorado. Of ik frontman David Eugene Edwards niet kende van zijn vorige band 16 Horsepower? Nee. De dag voorafgaand aan het concert vond ik tussen een stapeltje oude Oors (of is het Ooren?) een editie uit 2009 met daarin een interview. Laat ik me deze keer eens verdiepen in wat ik te zien krijg dacht ik en niet zoals de vorige keer dat we een concert bezochten – The Robert Cray Band – dat ik maar één nummer kende (Right Next Door (Because Of Me)). Nu maakt dat eigenlijk niet zoveel uit, vaak ga je dan veel opener naar nieuwe muziek luisteren. ‘Opener’ trouwens in de zin van ‘meer open’ en niet in de zin van ‘met meer bier’. 
Goed, ik sla het genoemde muziektijdschrift open en meteen valt mijn oog op twee uitvergrote quotes van de frontman: “Wat God maakt, is voor eeuwig; wat de mens maakt, zal vergaan” en “Ik geloof dat het mijn plicht is om de mensen te vertellen dat ze ziek zijn”. Slik. Dat begint al goed! Begrijp me niet verkeerd, alhoewel ik denk ik atheïst ben, heb ik niets tegen andere geloven. Zo was ik best blij dat ik op Valentijnsdag toch nog van iemand te horen kreeg dat Jezus wèl van me houdt. Daarentegen om nu naar een christelijk concert te gaan? Ik lees verder en dan zegt de interviewer “(…) volgens mij ben jij een van de weinige strenggelovigen die ook door de meest liberale popliefhebber nog wel wordt geaccepteerd”. Op de stelling dat veel strenggelovigen hun ideeën bij andere opdringen antwoordt hij:”Ik denk niet dat je God moet politiseren. Ik vind het zeer kwalijk als mensen politiek actief worden om wat zij denken dat goed of slecht is”.  Oké, dus het wordt geen bekering.
Fast forward naar het concert op een woensdagavond in Tivoli, Utrecht. Leuke zaal, misschien iets te ‘hip’ voor deze muziek, maar in ieder geval minder uit context dan de vorige keer dat mijn concertmaatje hier was; hij woonde toen een concert van Sepultura bij (Braziliaanse metal). Na een heerlijke pizza in een leuk restaurantje gegeten te hebben, vloeit het bier al rijkelijk. Ik vroeg me van tevoren af wat voor publiek hierop af zou komen en het antwoord is over het algemeen man, tussen 30 en 50. Veel grijze hoofden en ook veel mannen met lange baarden en manen. Zo ook het voorprogramma, Strand Of Oaks. Een tweemansformatie zoals je tegenwoordig wel vaker ziet met een zanger/gitarist en een drummer á la The White Stripes. De twee Amerikanen zien er imposant uit, één met lang haar, de ander kalend, maar allebei een volle baard en een vol lichaam. Meteen komt er in mijn brein de vergelijking met de laatste film die ik gezien heb (‘The Hobbit’) en een typetje uit Little Britian USA. Mede hierdoor wordt het voor mij persoonlijk iets lastiger om er serieus naar te kijken. De muziek die ze maken klinkt aangenaam, zonder echte climaxen. Ook heb ik het idee dat mannen met een wild uiterlijk geen doorsnee teksten schrijven door nummers die bijvoobeeld gaan over een ‘Ice Cream Stand at the End of the World’ (ofzoiets), wat waarschijnlijk niet zal gaan over welke smaken ze daar allemaal verkopen en hoe lekker die smaken.
Dan de hoofdact, een driemansformatie die schier geruisloos het podium betreedt en geen enkele moeite doen om interactie te creëren met het publiek. Niks geen praatjes tussendoor, gewoon spelen. Frontman Eugene is gekleed als een bijbelverkopende cowboy; zwart gekleed, een shiny zilveren kruis om de nek, Hulk Hogan-snor en een zwarte hoed. Hij speelt de nummers afwisselend op een dikke Gretsch en een instrument wat op een kruising lijkt tussen een banjo en een mandoline, maar waarvan zelfs de meest doorgewinterde folkmuzikant die ik ken de naam niet van kende. Waar de teksten over gingen is me helaas niet helemaal duidelijk, ook door een effect op één van de microfoons die het redelijk onmogelijk maakte woorden te ontcijferen. Muzikaal zat het allemaal prima in elkaar, het bracht een zware, donkere sfeer met zich mee. Indrukwekkend, maar toch minder intens dan dat ik had gedacht. Jammer ook dat geen enkel nummer echt tot een harde climax uitbarstte, waar we eens fijn op konden headbangen. Niet dat dat per se hoeft, maar het had wel even fijn geweest na een langere periode van geconcentreerd geluisterd te hebben.

Al met al weer een mooie nieuwe ervaring met muziek die  ik hiervoor niet kende en toch weer nieuwe inspiratie opgedaan. Het volgende experiment: de ‘dreampop’ van Mister & Mississippi in Mezz, wie gaat er mee?

   

Één antwoord

  1. […] accordeon bespeelde. Ik kreeg een beetje hetzelfde gevoel als dat ik had bij het optreden van Woven Hand een paar weken eerder: een beetje zwaarmoedig allemaal, maar misschien moet ik niet zeuren en hoort […]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *